Een Kleine Ode Aan

Een kleine ode aan: Snellius’ Partitiones Physicae

 

Vandaag de 51ste post in de tweewekelijkse rubriek ‘Een Kleine Ode Aan’. In ongeveer 250 woorden looft een Nederlandse of Vlaamse auteur een al dan niet vergeten filosofisch pareltje.

Een Kleine ode aan: Partitiones Physicae door Rudolph Snellius (1594)

Door Ariane Bazan (professor klinische psychologie, Vrije Universiteit Brussel)

In 1547 wordt Rudolph Snellius geboren te Oudewater. Deze hoogleraar in de wiskunde en oude talen te Leiden is zelf een leerling van de Duitse arts Bruno Siedel, die zich beroept op de nieuwste anatomische inzichten. In 1543 publiceert Andreas Vesalius zijn De humani corporis fabrica. Vesalius’ spiermannen ontketenen een revolutie van het denken, vergelijkbaar met de dynamische breinbeelden vandaag. Ze brengen het materiaal voor de anatomische bijlage die de Lutheraanse hervormer Philippe Melanchthon toevoegt aan zijn commentaar op Aristoteles’ De anima.

Deze ‘voetnoot’ doet Aristoteles kantelen: de anatomische tekeningen tonen dat niet één van de hiërarchische opsplitsingen van de ziel het lichaam beweegt, maar dat doet het lichaam zelf, met georganiseerde spieren en zenuwen om deze spieren te besturen. Maar als de beweging wordt onttrokken uit de ziel, wat is de ziel dan nog?

Snellius publiceert in 1594 Partitiones Physicae, waarin hij lichaam en ziel definieert: “De rationele ziel van de mens is de gedachte die, vervoegd aan het lichaam, de mens vervolledigt. De fysieke dingen meer verwant aan de natuurlijke lichamen die op natuurlijke wijze bewegen, hebben een uitgebreidheid en om deze reden bezetten ze een ruimte. Het vermogen van de rationele ziel is de gedachte of wil. Denken is het vermogen van de ziel om te redeneren en te denken over dingen die zijn en die niet zijn.”. Dit legt, vóór Descartes’ dualisme, de grondvesten voor een nieuwe mensvisie, homo duplex, waarvan de leer, de anthropologia wordt opgedeeld in enerzijds anatomia en anderzijds – en voor het eerst – psychologia.

Zie ook:

Bazan, A. (2011). The grand challenge for psychoanalysis – and neuropsychoanalysis: taking on the game. Frontiers in Psychology, 2,220. doi: 10.3389/fpsyg.2011.00220.

https://www.frontiersin.org/articles/10.3389/fpsyg.2011.00220/full

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s